A codering:
Een achterstandscodering. Dit is een
betalingsachterstand die bij het BKR gemeld staat.
A1 codering:
Een achterstandscodering, waarbij er een aflossings-
of schuldregeling is getroffen, nadat de
achterstandssituatie is ontstaan.
A2 codering:
Een
achterstandscodering, waarbij de (restant)vordering
is opeisbaar gesteld.
A3 codering:
Een achterstandscodering, waarbij er een bedrag van
€ 250 of meer is afgeboekt. Slechts wanneer
afboeking wegens finale kwijting plaatsvindt, moet
tegelijkertijd met de code 3 een einddatum worden
gemeld. In andere gevallen wordt geen einddatum
gemeld.
A4 codering:
Een
achterstandscodering, waarbij de kredietnemer
onbereikbaar blijkt/bleek te zijn.
Aanbesteding:
Het gunnen van een
bepaald stuk werk tegen een bepaalde prijs door een
opdrachtgever aan een bouwbedrijf.
Aandeel:
Een aandeel is een bewijs van deelneming in
het eigen vermogen van een onderneming.Een
aandeelhouder is daardoor mede-eigenaar van een
onderneming voor het percentage aandelen dat hij ervan
bezit. In ruil daarvoor heeft de aandeelhouder recht
op een deel van de eventuele winst, het zogeheten
dividend. Aan een aandeel is gewoonlijk stemrecht
verbonden dat tijdens de (verplichte) Algemene
Vergadering van Aandeelhouders kan worden uitgeoefend.
Door uitgifte van aandelen kan een onderneming
risicodragend kapitaal aantrekken dat kan worden
gebruikt om te investeren in uitbreiding, vernieuwing,
overnames et cetera. Het met de uitgifte van aandelen
aangetrokken kapitaal wordt beschouwd als eigen
vermogen. De waarde of koers van een aandeel wordt
bepaald door diverse factoren zoals vraag en aanbod
(bij beursgenoteerde aandelen), en nationale en
internationale economische en bedrijfsmatige
ontwikkelingen. In Nederland, België, Frankrijk en
Portugal worden aandelen verhandeld op de
effectenbeurzen van Euronext.
Aandeel aan toonder:
Een (fysiek) aandeel
waarop de naam van de eigenaar niet staat vermeld.
Degene die het kan tonen wordt beschouwd als de
eigenaar.
Aandeel op naam:
Een aandeel waarop de naam
van de houder staat vermeld. Deze gegevens worden
bijgehouden in een centraal register. In de Verenigde
Staten van Amerika zijn alle aandelen op naam.
Aandeelhouder:
Een eigenaar van aandelen
en daardoor mede-eigenaar van de uitgevende
onderneming. Door het aan een aandeel verbonden
stemrecht kan een aandeelhouder en zekere mate van
invloed uitoefenen tijdens de (verplichte) Algemene
Vergadering van Aandeelhouders.
Aandelenfonds:
Een aandelenfonds is een
beleggingsfonds dat hoofdzakelijk belegt in aandelen.
Aandelenfuture:
Een future met als onderliggende
waarde een pakket (dezelfde) aandelen.
Aandelenoptie:
Een verhandelbaar recht tot het
kopen of verkopen van een pakket aandelen tegen een vooraf
vastgestelde prijs tot een bepaald moment in de toekomst.
Aandelensplitsing:
Het verlagen van de nominale waarde
van een aandeel door splitsing in meerdere gelijke delen
(bijvoorbeeld 1:5). Door splitsing van een aandeel kan de
verhandelbaarheid ervan toenemen. Omgekeerd is ook mogelijk,
namelijk dat aandelen met een zeer lage nominale waarde worden
samengevoegd tot een groter aandeel ('omgekeerde
aandelensplitsing').
Aanhorigheid:
Object dat hoort bij een (on)gebouwd
eigendom. De aanhorige zaak (zoals een garage, schuur, etc.)
moet dienstbaar zijn aan het hoofdobject om mee te financieren
als onderdeel van het onroerend goed.
Aankoopwaardegarantieverzekering:
Een verzekering tegen waardedaling
van de aangekochte woning.
Aanneemsom:
Som waarvoor een bouwbedrijf de uitvoering van een werk
aanneemt.
Aannemingsovereenkomst:
Overeenkomst, waarbij de aannemer zich verbindt tegenover de
aanbesteder een werk uit te voeren tegen de aanneemsom volgens
een bepaald plan en voorwaarden, vastgelegd in een bestek.
Aanpasbaar bouwen:
Een woning op dermate wijze bouwen
dat deze later makkelijker is aan te passen. Bijvoorbeeld om de
woning aan te passen aan bewoning voor gehandicapten of ouderen
maar ook bijvoorbeeld een inpandig kantoor te realiseren of van
een aangebouwd kantoor relatief eenvoudig een garage te maken
vice versa.
Aanschrijving:
Een schriftelijke mededeling van Burgemeester en Wethouders, die
een eigenaar verplicht bepaalde voorzieningen aan zijn
onroerende zaak te treffen of gebreken te herstellen.
Aanvangsschuld:
De aanvankelijke schuld, de
oorspronkelijke lening.
Aanwijzing:
Het aanwijzen van een optiebelegger
met een shortpositie om de verplichtingen op grond van diens
contract na te komen. De schrijver wordt dus verplicht om de
onderliggende waarde te leveren (bij een calloptie)
resapectievelijk af te nemen (bij een putoptie) tegen de
uitoefenprijs van de optie.
A-B-C-akte:
Akte waarbij de onroerende zaak twee maal wordt verkocht,
namelijk van A aan B en dan van B aan C. De zaak wordt echter
maar één maal geleverd, van A aan C.
Acceptatieverklaring:
Het ondertekenen (accepteren) van
een hypotheekofferte. Hiermee wordt de geldlening
overeengekomen. Bij de meeste hypotheekverstrekkers kan een
geaccepteerde offerte nog kosteloos worden beëindigd.
Accessie: (Natrekking)
Eigendomsverkrijging van een zaak
die met een andere één geheel vormt of gaat vormen. Bijvoorbeeld
beplanting op een erf wordt eigendom van de grondeigenaar, ook
al is deze door derden aangebracht. Als u een huis bouwt op
grond die al in uw eigendom is, wordt dat door natrekking uw
eigendom zonder dat er een akte behoeft te worden opgemaakt bij
de notaris.
Accessoir recht:
Het accessoir recht kan niet los van
het hoofdrecht op een andere rechthebbende overgaan. Zoals ook
erfdienstbaarheid en recht van opstal.
Achtergestelde obligatie:
Een achtergestelde obligatie geeft
bij het faillissement van de uitgevende onderneming pas recht op
aanspraak op een uitkering uit de boedel als alle andere
schuldeisers al zijn gecompenseerd. Achtergestelde obligaties
hebben daardoor een iets hoger risico dan 'gewone' obligaties.
Acid test:
De acid test wordt gebruikt om de
liquiditeit van een onderneming te testen. Een hoge ratio kan
een aanwijzing zijn dat de efficiency hoog is of het kan de
vraag oproepen waarom de onderneming geen langlopende schulden
heeft aangetrokken ipv kortlopende.
Actieve fondsen:
De benaming voor de meest
verhandelde fondsen op een effecten- of optiebeurs.
ADR = American Depository Receipt:
Door een
Amerikaanse bank uitgegeven certifcaat van een buitenlands aandeel dat in het
land van herkomst in bewaring is gegeven.
Advieskoers:
Een koers
die alleen geldt als indicatie van het verwachte koersverloop, zonder dat daarop
orders kunnen worden uitgevoerd. Advieskoersen worden uitsluitend afgegeven
voordat de handel begint of tijdens een handelsonderbeking.
AEX-index:
De door Euronext N.V. berekende en
onderhouden graadmeter van de lokale Nederlandse effectenmarkt.
De AEX-index is een gewogen index die is gebaseerd op de koersen
van de 25 meest verhandelde, in Nederland genoteerde
ondernemingen op de effectenbeurs van Euronext. Onder andere de
effectieve aandelenomzet in het voorgaande jaar en de free-float
zijn bepalend of een fonds wordt opgenomen in de AEX-index. De
weging van elk fonds in de index is tevens afhankelijk van de
marktkapitalisatie van de vrij verhandelde aandelen, maar kan
nooit meer bedragen dan 15%. Jaarlijks wordt de AEX-index op de
eerste handelsdag in maart herwogen. Op de AEX-index worden
opties, futures, warrants en trackers verhandeld.
Afdekken: (Hedging)
Een belegger kan het mogelijke
risico van een bepaalde effectenpositie verminderen door een
tegengestelde positie aan te gaan, de bestaande positie wordt
daardoor afgedekt. Een mogelijke koersdaling van een
aandelenportefeuille kan men bijvoorbeeld opvangen door een
putoptie te kopen. Het afdekken van een positierisico wordt ook
wel 'hedging' genoemd.
Affaire:
Beursterm voor een
effectentransactie.
Afkoopwaarde:
De opgebouwde waarde van een polis die
wordt uitgekeerd bij voortijdig stoppen van een
levensverzekering. De afkoopwaarde minus de in rekening
gebrachte kosten wordt dan uitgekeerd aan de verzekeringsnemer.
Aflosbaarstelling:
Bij het bereiken van de
aflossingsdatum wordt een obligatie aflosbaar of betaalbaar
gesteld. De belegger ontvangt dan de nominale waarde van de
obligatie terug.
Aflossingsschema:
De manier waarop de aflossing van de
schuld plaatsheeft bij de verschillende hypotheekvormen.
Aflossingsvrije hypotheek:
Een hypotheek waar men alleen
hypotheekrente betaalt. Er wordt dus niet tussentijds afgelost.
AFM =
Autoriteit Financiële Markten:
De AFM is door de
Minister van Financiën belast met het houden van
toezicht op de financiële markten.
Afrekenkoers:
De koers van de onderliggende waarde
waarop opties en futures op expiratiedag worden afgerekend. Bij
opties en futures op de AEX-index bijvoorbeeld is deze koers het
gemiddelde van de 31 noteringen die op de laatste handelsdag
elke hele minuut van 15.30 uur tot en met 16.00 uur tot stand
komen. De afrekenkoers wordt vastgesteld door Euronext Amsterdam
en geldt uitsluitend voor cash settlementproducten.
Afsluitkosten:
Het bedrag dat de geldverstrekker in
rekening brengt bij het afsluiten van een hypotheek.
Afsluitprovisie:
Deze provisie wordt in mindering
gebracht op de leensom en bedraagt meestal 1% over het
hypotheekbedrag ten gunste van de geldverstrekker (en eventuele
tussenpersoon).
Afstempelen:
Het verlagen van de nominale waarde
van een aandeel of een obligatie door de uitgevende instelling.
Dit gebeurt vrijwel uitsluitend als de uitgevende instelling in
financiële moeilijkheden verkeert. Afstempelen wordt ook wel
redenominatie genoemd.
Aftrekpost:
Een kostenpost zoals hypotheekrente,
notariskosten, afsluitkosten, afsluitprovisie etc. welks in
bepaalde omstandigheden in aanmerking gebracht kunnen worden op
het belastbaar inkomen voor de belastingaangifte. Oftewel posten
die fiscaal aftrekbaar zijn.
Agio:
De meerwaarde ten opzichte van de
nominale waarde van een aandeel of een obligatie. Als de
nominale waarde € 50,- is en de actuele koers van het effect
bedraagt € 55,- dan is het agio dus € 5,-
Agiobonus:
Uitkering
in aandelen ten laste van de agioreserve. Over deze uitkering behoeft geen
inkomstenbelasting te worden betaald.
Agioreserve:
Reserve, ontstaan door uitgifte van aandelen tegen
een koers die hoger is dan de nominale waarde. Een agioreserve kan door een
onderneming worden gebruikt voor uitkeringen aan aandeelhouders, de zogeheten
agiobonus.
Akte van levering:
De overeenkomst voor de levering van
de woning. Deze akte wordt door de notaris opgemaakt en wordt
door beide partijen getekend bij de notaris. Meestal
gelijktijdig met de hypotheekakte voor de kopende partij.
Akte van
eigendomsoverdracht:
De notariële akte waarin de overdracht van het eigendom van de
onroerende zaak naar een nieuwe eigenaar is geregeld. Zie ook '
Akte van levering' .
Akte van
splitsing:
Een notariële akte die de kadastrale splitsing van onroerende
zaken in appartementsrechten regelt.
Alfa:
Alfa is de outperformance die een
beleggingsfonds heeft behaald bovenop wat verwacht zou mogen
worden volgens een bepaald beleggingsmodel. Een positieve alfa
geeft aan dat een fonds het beter heeft gedaan dan op basis van
de gegeven beta verwacht mocht worden. Evenzo geeft een
negatieve alfa aan dat het fonds een underperformance
heeft, gegeven de verwachtingen die behoren bij de beta van het
fonds.
Amerikaanse stijl:
Gedurende de gehele looptijd kunnen
zowel de koper als de verkoper van een optie Amerikaanse stijl
hun positie sluiten door het doen van een tegengestelde
transactie (koop tegen verkoop en verkoop tegenover koop).
Amsterdam All-Share Index:
Door Euronext berekende en
onderhouden index die betrekking heeft op alle in Nederland
genoteerde aandelen die worden verhandeld op de effectenbeurs
van Euronext Amsterdam. De Amsterdam All-Share index (AAX) is
onderverdeeld in meerdere economische sectoren. De Amsterdam
All-Share index en de diverse deelindices geven een zeer getrouw
beeld van de prestaties van de gehele Nederlandse effectenmarkt
en de diverse deelsectoren. De AAX is een zogeheten
benchmarkindex.
Amsterdam Midkap-Index:
Door Euronext berekende en
onderhouden beursgraadmeter van het middensegment van de
Nederlandse aandelenmarkt. De Amsterdam Midkap-index ('AMX') is
een gewogen index die is gebaseerd op de koersen van de 25 meest
verhandelde op de effectenbeurs van Euronext Amsterdam
genoteerde middelgrote ondernemingen. Onder andere de effectieve
aandelenomzet in het voorgaande jaar is bepalend of een fonds
wordt opgenomen in de AMX-index. De weging van elk fonds in de
index is mede afhankelijk van de marktkapitalisatie van de vrij
verhandelde aandelen, maar kan nooit meer bedragen dan 15%.
Jaarlijks wordt de AMX-index op de eerste handelsdag in maart
herwogen.
Animatiecontract:
Een overeenkomst tussen banken,
commissionairshuizen en Euronext om de liquiditeit van de
aandelen van kleinere genoteerde ondernemingen een impuls te
geven. De zogeheten animateurs geven bied- en laatprijzen af
waartegen orders kunnen worden uitgevoerd.
Annuïteitenhypotheek:
Een hypotheek waarbij het bruto
maandbedrag tijdens de looptijd gelijk blijft. De te betalen
rente zal tijdens de duur afnemen en de aflossing zal toenemen.
Annuleringskosten:
Kosten die een geldverstrekker
doorberekent aan de klant als deze de hypotheekofferte wel
getekend heeft maar de offerte alsnog annuleert.
Anti-speculatiebeding:
Een verkoopregulerende bepaling die speculatieve handel in
onroerende zaken moet voorkomen, als gemeentelijke bouwgrond
wordt gekocht of in erfpacht wordt uitgegeven. Vaak wordt dan
bepaald dat een eigenaar-bewoner bij verkoop van de woning
binnen een bepaalde termijn toestemming tot verkoop aan
Burgemeester en Wethouders moet vragen en/of een gedeelte van de
winst moet afdragen aan de gemeente. Op niet naleving ervan
staat een hoge boete.
Appartementenclausule:
Onderdeel dat is opgenomen bij een collectieve of individuele
opstalverzekering, waarmee het risico van opzet of nalatigheid
ten aanzien van de ontstane schade van een der eigenaren ten
opzichte van de overige eigenaren van de overige eigenaren wordt
uitgesloten.
Appartementsgerechtigde:
Juridische benaming voor de appartementseigenaar.
Appartementsrecht:
Aandeel en gebruiksrecht van een bepaalde ruimte in een gebouw.
Dit kan ook een gemeenschappelijke ruimte zijn zoals een
berging. Een appartementsrecht wordt ingeschreven bij het
kadaster.
Appreciatie:
Ander woord voor waardestijging.
Wordt gebruikt in de valutahandel om de waardestijging van de
ene valuta ten opzichte van een andere aan te geven.
Arbeidskostenforfait:
Een vast fictief bedrag voor de
aftrek van beroepskosten waardoor een fiscale aftrekpost
ontstaat. Indien de werkelijk gemaakte kosten hoger en
aantoonbaar zijn soms een hoger bedrag mogelijk.
Arbitrage:
Het
gelijktijdig op verschillende markten kopen en verkopen van effecten om gebruik
te maken van koersverschillen. Oftewel: Het gebruik maken van en handelen op
prijsverschillen van een bepaald product op verschillende markten. Op een
bepaalde beurs of markt kan een effect iets duurder of goedkoper zijn dan op een
andere markt. Het hierdoor ontstane verschil kan door een arbitrageur tot eigen
voordeel worden gebruikt door op de ene markt te kopen en meteen erna op de
andere markt te verkopen. Dit soort prijsverschillen zijn mede door het
nivellerend effect van arbitrage slechts van korte duur.
Arbitrageur:
Een belegger die gebruik maakt van
prijsverschillen van een bepaald product op verschillende
markten noemen we een arbitrageur.
Architectenregister:
Het register voor architecten.
Zonder inschrijving bij dit register mag iemand zich geen
archirtect noemen.
Artikel 12 gemeente:
Gemeente waarvan de vrijheid om
financiële beslissingen te nemen is ingeperkt door de
rijksoverheid. In ruil voor financiële hulp wordt de gemeente
gedwongen begrotingstekorten weg te werken. Voor grotere
uitgaven moet de gemeente toestemming aan het Rijk vragen.
Artikel 19 procedure:
Voor een bouwplan wordt aan
Gedeputeerde Staten vrijstelling gevraagd op het
bestemmingsplan, vooruitlopend op een komend bestemmingsplan.
Gedeputeerde Staten kan een `verklaring van geen bezwaar`
afgeven. Dit is opgenomen in artikel 19 van de Wet op de
Ruimtelijke Ordening.
Ask:
Vraagprijs of laatprijs. De prijs
die door de "markt" wordt gevraagd - "gelaten" - voor de verkoop
van een bepaald effect.
As, if and when issued:
De handel in nog niet uitgegeven effecten. Deze handel is niet
officiëel. De transacties worden pas geldig nadat de stukken
daadwerkelijk zijn uitgegeven.
Assignment (aanwijzing):
Bij geschreven (short) opties. Het worden ?aangewezen? om de
onderliggende waarden te verkopen (geschreven callopties), dan
wel te kopen (geschreven putopties).
At the money, around the money:
Een optie
met een uitoefenprijs die gelijk is aan of die dicht bij de koers ligt van de
onderliggende waarde.
Atrium:
Een binnenplein of binnentuin in een gebouw.
|